Zondag 6 september 2026 – Rit Merckxboys

door Eddy D

Al vier dagen was ik het vroeg opstaan gewoon… Dan mocht tijdig aan de start verschijnen van onze zondagse rit – na een week kermisvieren – ook geen probleem zijn. ‘Spreek voor uzelf!’, zal Guy M gedacht hebben. Bij die arme jongen zat het kermisvieren nog danig in zijn lijf en dat zal die geweten en gevoeld hebben. Gelukkig kon hij zijn hartje ophalen bij de prestaties van zijn kleindochter Liv, die zowaar de gele trui tijdens de Loopronde van Kalfort wist te bemachtigen. (Zij verzorgt zich dan ook wel als een ware prof, wat we van Guy bezwaarlijk kunnen zeggen!)

Aan de inschrijftafel was het een blij weerzien met Kurt K, die na maanden afwezigheid weer zijn opwachting maakte. Hij haspelde, samen met Leon, de 70 km af en paste wijselijk voor de snelheidsrace die ons te wachten stond. Na afloop een pint pakken met die gasten is altijd een fijne belevenis.

De inschrijving aan abdij van Bornem was het rustigste moment van de dag… want vanaf het startschot gooiden Marc B en Stijn VH er meteen de beuk in. Als echte Bornemenaars kenden zij het parcours op hun duimpje en daar waren wij het slachtoffer van.

Die enkele zeldzame fietsers die wij passeerden, maakten meteen kennis met de pure snelheid waarvoor ons clubje zo gekend (en berucht) is. Enkel voor een drietal WIK’ers werkte onze tenue als een rode lap op een stier (dat zei dan weer een andere WIK’er) en zij vlogen ons voorbij alsof hun leven ervan afhing.

Op de vraag aan Willy M waar neef Senne was, kregen we het antwoord: ‘Die is op congé met zijn madam. En daarna gaat die studeren voor politieagent… om later te kunnen werken met delinquente jongeren!’

Eén ding is zeker: Als hij afgestudeerd is en hij rijdt met ons nog een toereke mee, zullen we toch wat meer rekening moeten houden met de geldende snelheidsbeperkingen en verkeersregels, want na onze tweede stop was het ‘gas geven’ dat het geen naam had.

Wat de Merckx-boys in hun wafeltjes en cake gestopt hadden weet ik niet, maar het was alvast iets Sterx.

Als Senne in de toekomst betaald wordt per overtreding dat die vaststelt, gaat die jongen nog een schone cent aan ons verdienen. (Misschien moeten we samen afspreken dat het allemaal aan die OAB-gastrijders lag…) ‘Boosdoeners’ van dienst waren ditmaal Andy R en weerom Marc B, die zijn benen niet voelde en wij die van ons des te meer! Ook bij Hans M ging het zo rap dat – zoals hij zelf zei – ‘het schuim er langs een klein gatteke uitkwam’ (en dat al sinds woensdag!)

Om tien voor twaalf (en geen 5 voor twaalf!) draaiden we het gezellige terras op van de Merckxboys om te verbroederen met tal van gelijkgezinde sportievelingen. Plotsklaps herrees Guy M als een fenix uit de as en na een drietal Duvels kwam hij er alweer helemaal door. De tournée generale van Frederik was ook mooi meegenomen. Proficiat, Frederik! Nog een geluk, want die schone prijzen van de tombola konden we ook op onze buik schrijven. We kunnen niet alles hebben in het leven!

2026 Rit Scherpenheuvel

Door Erik Seghers

Eerst en vooral wil ik mijn excuses aanbieden. Sorry, Michèle! Maar jouw naam zal niet in dit verslag verschijnen. Vorige week vond Michèle zelf dat ze iets te vaak aan bod kwam in het verslag van Sas van Gent, geschreven door haar man. Dus nee, Michèle, deze keer gaat dat niet gebeuren.

Het begon deze ochtend aan het tankstation Q8 in Kalfort. Of was het toch op de parking van weleer, ons gebruikelijke vertrekpunt? Daar stond immers nog steeds die verdomde kermistent, het middelpunt van de hoogdagen van menig Kalfortenaar. En wat het strafste van al is: Tony had nog een WhatsApp-berichtje naar de groep gestuurd. Blijkbaar wel naar de bestuurdersgroep alleen. Gevolg: verwarring alom.

Na het oppikken van enkele Snelvoeters aan de tent kon de rit eindelijk beginnen. En hoe! Onze jeugdige kopmannen waren niet aanwezig vandaag. Ze waren zich duidelijk al aan het voorbereiden op de ploegentijdrit later op de dag tijdens de hoogdagen.

Dus was het vandaag de beurt aan de ouderen. En die oudere garde wilde uitpakken. Vanaf minuut één lag het tempo hoog. Lange Marc, Jos, Hans T. en nog enkele anderen vlogen er meteen in. Ze wilden blijkbaar hun plaatsje op het terras veiligstellen nog vóór de tussenstop openging.

Op het kerkplein van Werchter waren we even de weg kwijt. Of waren sommigen stiekem op zoek naar de festivalweides van Werchter? Feesten zat er vandaag echter niet in. Misschien wel voor de échte Kalfortenaars die er vandaag niet bij waren. Onze benen zouden niet branden van het springen op onze favoriete muziek, maar van het stampen op de pedalen.

Na het eerste uur werd het toch wat moeilijker om vervanging te vinden aan kop van het peloton. Onderweg passeerden we langs prachtige villa’s en buurten waar duidelijk geld zit. Al hoeft rijkdom natuurlijk niet altijd in stenen of luxe te zitten; soms schuilt die net in de kleine dingen.

Een vijftiental kilometer voor Scherpenheuvel kregen we nog enkele mooie klimmetjes door de bossen voorgeschoteld. Hier en daar zorgden de smalle weggetjes zelfs voor een vleugje gravelplezier. Niet veel later doemde de kerk van Rillaar op aan de horizon.

Aangekomen in Scherpenheuvel brandde Jos S. een kaarsje voor iedereen die het vandaag moeilijk heeft. Het was een mooi moment van bezinning, want hoe zwaar een zondagochtend op de fiets soms ook aanvoelt, het dagelijkse leven stelt sommigen voor veel grotere beproevingen.

Na het drankje en het gratis, zij het eerder goedkoop suikerwafeltje, zetten we onze fietshelm opnieuw op en vertrokken we voor de laatste 65 kilometer. Op weg naar onze veilige haven, thuis genaamd.

In het begin was de wind ons nog vergevingsgezind, maar de kracht van het brandende kaarsje was blijkbaar al uitgewerkt. Coureur Stijn en comebackman Christophe deden ons pijn. Ze namen ons letterlijk op sleeptouw. De kruisweg van Jezus leek er niets bij.

In Putte reed Jos werkelijk in een put. Het hele peloton stopte om te kijken wat er aan de hand was. Jos bleek gelukkig enkel vals plat te staan. Niets ernstigs dus. Tot Hans T. plots van het fietspad de weg opsprong. Die stond wél echt plat.

Tijdens het wachten werd hier en daar bijgepraat over allerlei kwaaltjes en pijntjes. De oplossing bleek volgens sommigen een degelijke massage te zijn, uiteraard zonder happy ending. Jan had dat gesprek blijkbaar opgevangen, want bij de herstart reed hij meteen op kop. “No pain, no gain”, moet hij gedacht hebben.

Het mag gezegd worden: de rit naar Scherpenheuvel werd wat bijgeschaafd en gefinetuned, en is daardoor een stuk aantrekkelijker geworden.

Ja, sorry. Ik had het beloofd. Maar afsluiten doe ik toch graag met een welgemeende:

Dank u, Michèle!