door Erik Seghers
To Uber or Not to Uber?
Een halve Uber dan maar… om uit de stad te geraken tot op de parking. Verstand komt met de jaren, zeggen ze — en soms ook een klein beetje luiheid.
Eigenlijk een beetje zoals vandaag: de rit naar Beauvechain… maar toch ook weer niet. Twaalf kilometer korter én met een nieuwe naam: Oud-Heverlee. Oud, zoals ik me deze ochtend voelde, na een korte maar met een BANG afgesloten nacht — je begrijpt me wel. Blijkbaar verkoopt een vleugje seks goed in een verhaal, dus op vraag van meerdere Snelvoeters zou ik vandaag mijn beste beentje voorzetten. Dat kwam goed uit, want die andere twee hadden al laten weten dat ze in de heuvelzone forfait zouden geven.
Bij de start leek niemand echt goesting te hebben om Jos te volgen vanaf de parking. Er werd wat getwijfeld… maar al snel deden de hormonen hun werk: 29 Snelvoeters werden als magneten aan zijn wiel gezogen. Sterk begin!
We hadden een goed spoor, tot… halfweg. Het spoor liet ons gewoon in de steek. Afgesloten. Klaar. Merci en tot ziens.
We hadden incognito de camera’s kunnen ontwijken en “spoor lopen”, maar dat had ons verplicht tot een heuse Helaasheid der Dingen-actie. En laat ons eerlijk zijn: niet iedereen was in de mood om in zijn blootje, met de fiets in de hand, de oversteek te maken. We hielden liever nog iets achter de hand… hoe klein dan ook.
Nog voor de eerste hoogtemeters werd er stevig doorgetrokken — aan de sturen welteverstaan. Op sommige momenten leek het alsof we op het circuit van Zolder reden. Razendsnel ging het!
Senne, Robbe en Robbeets reden daar gisteren nog bijna 46 gemiddeld. Gran Fondo Team was geboren! Of was dat ineens onze nieuwe sponsor in wording?
Vlaams-Brabant staat niet vaak op het programma, maar vandaag reden we richting het dak van de rit: het legendarische Spaans Dak. Goed restaurant trouwens, al waren de Zoet Water-vijvers ernaast iets minder indrukwekkend… leeggelopen en al. Zo ondiep had ik ze nog nooit gezien. De echte diepgang zouden we later wel vinden — op het terras… of gewoon thuis.
Boven op het plateau, ergens in Korbeek, na wat Strava zelf “de KUTKLIM” noemt (en terecht), had onze marathonloper platte benen. Dachten we. Terwijl ik even herademde op het “Dodenbankje”, bleek dat zijn benen nog perfect in orde waren — het was gewoon een platte tube.


Nieuwe erin, en GÁÁÁN! Alsof er niets gebeurd was.
Geen vader vandaag om hem tot de orde te roepen, want die was al voor de start zelf platgevallen. Die mocht terug naar zijn Lutje om later nog een comeback te plannen, na de rit welteverstaan.
Ik was eerlijk gezegd opgelucht toen de heuvelzone achter ons lag. Zoals gevreesd lieten mijn benen het daar toch een beetje afweten. En al die helpende handen en uitstekende duimen op mijn achterwerk… nee dank u — geen Uber voor mij!

Kristof waren we ergens in het veld kwijtgespeeld. Of zat hij al op het vliegtuig richting Mallorca? Den Rompelberg zal ginder wel werk met hem hebben.
Na de zoveelste platte band reden drie Musketiers gewoon verder, zonder te wachten. Elk voor zich, God voor ons allen.
En natuurlijk… ieders vriend Willy bezette intussen al strategisch het terras van het Coolhem, klaar om de krachtpatsers te ontvangen.
See you next week, my dear friends! 🚴♂️🍻